Achtergrond

Als patiënt vertrouw je er op dat de zorgverlener je met respect en deskundigheid behandelt. Toch kan er iets fout gaan; bij menselijk handelen zijn fouten immers nooit uit te sluiten. Jaarlijks ondervinden tienduizenden Nederlandse patiënten dan ook de gevolgen van medische fouten. 6000 van hen behouden daar blijvend letsel aan over en 2000 mensen overlijden.

Gaat er iets mis bij de behandeling dan staan patiënten en hun nabestaanden, in theorie althans, niet met lege handen. Zo kunnen ze op veel verschillende manieren hun klachten indienen. Toch is er geen adequate hulp en opvang, die zich ook richt op de psychosociale hulp van slachtoffers.

Stichting WMM wil daar verandering in aanbrengen door zich te ontwikkelen tot de onafhankelijke en deskundige hulp- en belangenorganisatie voor patiënten die slachtoffer zijn geworden van een (vermeende) medische fout.

Waar kunnen mensen nu terecht?

Patiënten kunnen verschillende wegen bewandelen als ze werk willen maken van een klacht over een medische fout. Zij kunnen terecht bij:

  1. Klachtenfunctionaris of Klachtencommissie van de desbetreffende instelling of beroepsgroep. Deze mogelijkheid is expliciet bedoeld voor patiënten. In memorie van de Wkcz staat dat die voorziet in het recht op een luisterend oor.
  2. Inspectie voor Gezondheidszorg (IGZ). Dit is in hoofdzaak bedoeld als middel tot kwaliteitsverbetering van de zorg.
  3. Het tuchtcollege tegen iemand die in het register staat van de belangrijkste beroepsgroepen in de zorg. Dat heeft als doel te laten beoordelen of het individueel handelen aan de eisen van de beroepsgroep voldeed. Zo niet en wordt de klacht gegrond verklaard dan volgt een tuchtmaatregel ( waarschuwing, berisping, boete, schorsing of het schrappen uit het register van het betreffende beroep). Ook hier is het doel kwaliteitsverbetering van de zorg. Tuchtrecht is ook bij uitstek bedoeld voor het behoud van de kwaliteit van de beroepsuitoefening.
  4. De rechter. Door een gerechtelijke letselschade procedure met behulp van een advocaat te starten. Bedoeling daarvan is vast stellen of er verwijtbare schade is ontstaan en vervolgens schadevergoeding te eisen om de schade vergoed te krijgen.
  5. De politie. Bij het vermoeden van strafbare feiten kan een patiënt aangifte bij de politie doen en kan een gerechtelijk onderzoek en een strafproces volgen. Dit is in de gezondheidszorg uitzonderlijk.

 

Hoe ervaren patienten de hulp en de opvang rond medische fouten?

Het is voor patiënten die te maken krijgen met onbedoelde gevolgen van medisch handelen vaak moeilijk om helder te krijgen wat er nu precies is misgegaan en om met deze verschillende partijen te communiceren op voet van gelijkwaardigheid.

Een patiënt heeft in eerste instantie vooral behoefte aan informatie en openheid over wat er is gebeurd en wat de mogelijke oplossingen zijn. Is er iets fout gegaan, dan is erkenning belangrijk en worden er excuses verwacht. Dit is niet alleen in het belang van de patiënt zelf. De ervaring kan immers gebruikt worden om herhaling te voorkomen en zo de patiëntveiligheid in de toekomst te vergroten.

Verder is uit onderzoek gebleken dat het voor veel slachtoffers van incidenten in de zorg geen prioriteit heeft om schadevergoedingen en maatregelen tegen de betrokkenen te bewerkstelligen. Wel wil men uiteraard gecompenseerd worden voor geleden schade door bewezen onzorgvuldig handelen. Denk hierbij aan arbeidsverlies, inkomensverlies en procedure kosten.

Maar wat gebeurt er wanneer je als patiënt aangeeft dat er iets fout is gegaan en je wordt daarin niet (voldoende) gehoord en/of gekend? De vertrouwensbreuk die hiervan vaak het gevolg is, kan de woede en frustratie doen groeien. Daarbij komt dat de wet- en regelgeving over de afhandeling van schade na een incident of de (vermeende) medische fout voor veel mensen lastig te begrijpen is. Ook is het voor een niet ingewijde soms moeilijk om een duidelijk beeld te krijgen van de rol en de belangen van partijen als zorgverzekeraars en andere betrokken instanties.